Wie had ooit gedacht dat een concurrentiële strijd tussen 2 sportbladen de aanleg zou zijn voor het grootste wielerevenement ter wereld? Het was 1902 en Henri Desgrange stond aan het hoofd van het sportblad L’auto dat dreigde te verdwijnen omdat het moest opbotsen tegen het veel grotere Le Vélo die onder andere de wedstrijden Bordeaux-Parijs en Parijs-Brecht organiseerde.

Henri Desgrange -By <a href=”https://fr.wikipedia.org/wiki/Agence_de_presse_Meurisse” class=”extiw” title=”fr:Agence de presse Meurisse”>Agence de presse Meurisse</a> – BNF Gallica, Public Domain, Link

Desgrange zat met de handen in het haar en gooide er uit dat L’auto met iets groots moest afkomen als ze wilden overleven. Ook Géo Lefevre was aanwezig en kwam wat voorzichtjes met het idee naar buiten “waarom geen meerdaagse koers organiseren, in het genre van de zesdaagsen“.

Een andere collega maakte op wat spottende wijze de opmerking “als ik het goed begrijp, mijnheer Lefévre wil u de renners de Tour de France laten rijden” en het idee was geboren. Na wat denkwerk en discussie met de commerciële baas van l’auto werd op 19 januari 1903 in de krant het eerste berichtje gepubliceerd.

Het totale prijzengeld bedroeg 20.000 franse frank en in totaal moesten de deelnemers 2428km afleggen onderverdeeld in slechts 6 etappes van om en bij de 400km. Een echt huzarenstukje. Dat beseften ook de renners want er was maar zeer weinig interesse. Niemand had immers zin om 6 weken van huis weg te zijn en ook de kosten voor de renners waren te hoog. Het was zelfs zo erg dat Desgrange ernstig overwoog om de wedstrijd te annuleren.

Na enkele aanpassingen werd op 1 juli 1903 de officiële start gegeven. 60 renners die ingedeeld werden in 2 categoriëen stonden aan de start: diegene die streden voor het eindklassement en diegene die streden voor etappewinst. Het vreemde aan die laatste categorie is dat de renners mochten opgeven tijdens een etappe en de dag erna gewoon weer mee mochten strijden voor de zege.

De reden voor deze vreemde beslissing was dat de organisatie veel moeite had om aan 60 deelnemers te geraken en daarom ook veel avonturiers en amateurs aan de start liet die vooral meededen voor het prijzengeld. Het feit dat Desgrange de eerste editie zelf niet volgde en dit overliet aan zijn luitenant Géo Lefèvre, getuigt ervan dat Desgrange nogal twijfelde aan het succes en de goede afloop van de wedstrijd.

Je kunt je wel inbeelden dat vooral bij de categorie die voor etappewinst ging alle mogelijke middelen werden toegepast: doping, de trein nemen, zich laten uit de wind zetten door vrienden die meefietsten, zich laten voortrekken door auto’s, enz. Al wat winst kon opleveren werd gebruikt.

Maurice Garin de winnaar van de 1ste Tour de France

Dat de eerste editie van de Tour de France een echt huzarenstukje was bewijst het feit dat er slechts 21 van de 60 renners de eindmeet haalden. Winnaar werd Maurice Garin, een tot fransman genaturaliseerde Italiaan van slechts 1m60 en 63kg die het beroep van schouwveger uitoefende. Zijn voorsprong op de 1ste achtervolger bedroeg maar liefst 2u49 minuten en op de laatste meer dan 60 uur.

Maar Desgrange, Lefèvre en de overige medewerkers van het sportblad L’auto konden tevreden terugkijken op deze eerste editie. Het experiment was gelukt en er werd al nagedacht over de editie van 1904 waarbij de minpunten zouden worden weggewerkt.

 

nl_NL